Tips ter voorkoming van inbraak

01.10.2012

Algemeen:

1. Laat iemand naar je woning kijken met de ogen van een inbreker. 

2. Zorg er te allen tijde voor dat de woning bewoond lijkt. Een groot percentage van de inbraken vindt overdag plaats.

3. Inbrekers willen zo snel mogelijk en onopvallend toeslaan. Zorg er daarom voor dat buitenverlichting aanspringt met een bewegingsmelder, plaats een alarminstallatie in huis en zorg voor inbraakvertragende beveiliging van ramen en deuren.


Concreet:

1. Geef familie, goede buren en vrienden door waar en wanneer je op reis bent. Zorg dat ze je vertrek- en aankomsttijden kennen en dat ze in geval van nood je woning naar binnen kunnen.

2. Zorg dat er van buiten geen waardevolle spullen zichtbaar zijn voor potentiële dieven.

3. Laat gordijnen en zonnewering gewoon open, of nog beter: vraag familie / vrienden om hiermee te varieren.

4. Vraag buren om af en toe op je oprit te parkeren.

5. Zorg voor deugdelijk hang- en sluitwerk voor deuren, ramen en puien. Let op het keurmerk SKG (Stichting Kwaliteitscentrum Gevelelementen), bij voorkeur twee of drie sterren.

6. Draai de voor- en achterdeur op het nachtslot. Laat nooit ramen of bovenlichten open staan. 

7. Voorkom een overvolle brievenbus. Vraag de huisoppas of buren dit te legen of plaats (tijdelijk) een NEE NEE sticker.

8. Schakel elektronische apparaten, gas en water af.

9. Sluit alle ramen en deuren grondig en verberg de sleutels en reservesleutels hiervan.

10. Berg ladders en tuinmaterialen goed op. Zet ook de afvalcontainer binnen. Deze spullen kunnen als klimwerktuig dienen.

11. Gebruik schakelklokken om verlichting aan te laten gaan.

12. Kenmerk waardevolle spullen zodat ze bij diefstal eenvoudiger terug te vinden zijn. SelectaDNA is een prima preventie- en opspoormiddel. 

13. Schaf een kluis aan voor dure en persoonlijke spullen als sieraden, contant geld etc.

14. Nooit reservesleutels onder de mat, in bloempotten of op gemakkelijk bereikbare plekken in huis!

15. Werk niet mee aan telefonische enquêtes over je reisperiodes.

16. Als u meerdere dagen weg bent of op vakantie gaat: geef aan de plaatselijke politie door in welke periode u niet thuis bent.

17. Doe geen briefje op de deur dat verwijst naar uw afwezigheid: "Ben bij tante Lies, om 15 uur terug".

18. Zeg niet op het antwoordapparaat dat je op reis bent! 

19. Laat de planten in huis en in de tuin verzorgen.

20. Openstaande bovenlichten en ramen op een kier zien zeer inbraakgevoelig, ook op de bovenverdiepingen.

Site by dim 2010